27 maart 1915

47e brief  Sector 97

 

Mijn allerliefste Emma,

Ik heb vanochtend je lieve brief gekregen. Ik ben altijd heel blij wanneer ik nieuws van je krijg ook al zijn ze kort. Je zegt dat je momenteel geen tijd hebt om me te schrijven. Ik geloof het graag en ik denk dat jij je te veel dwingt om te werken. Oh! Schat wees voorzichtig want ik weet dat je gezondheid zwak is. Dat maakt me vaak ongerust want ik weet dat jij je verwaarloost. Je ziet ondanks alle hindernissen heb je de eindjes aan elkaar kunnen knopen. Het is waar dat je volgend jaar niets van Rodez zult krijgen. Dit jaar in mei zal je de verzekering moeten betalen, dan later de belastingen. Je zult veel geld nodig hebben maar ik denk dat je er genoeg zal hebben. Trouwens, zolang ik leef, kan ik je ook steeds geld opsturen. Maar reken niet te veel op wat ik zou kunnen sturen want men weet nooit wat er kan gebeuren. Ik kan gedood worden.

Terwijl ik je schrijf, buldert het kanon en de scherven vliegen over de loopgraaf. Af en toe komen er kogels tegen de borstwering. Dit alles is niet bemoedigend maar ik geef de hoop niet op.

Ik maak me niet meer zorgen in de loopgraaf dan ver achter de vuurlinie. Ik weet dat de Heer me zowel hier als daar kan beschermen. Ik heb een goede nacht gehad. Ik heb geen kou gehad aan mijn voeten. Het is pas ’s ochtends dat het erg is gaan vriezen.

Nu zit ik in een kleine hut die in de grond is gegraven. Ik moet op handen en voeten binnengaan. Het is er erg vochtig maar het beschermt van de kogels.

Om 10u is het weer veranderd. Het sneeuwt nu. Dit zal het niet aangenamer maken. De nachten zijn lang met dit weer. Het lijken wel dagen van 48u. Maak je geen zorgen om mij, ik verzorg me zo goed ik kan.

Je vertelt me over de jonge varkens. Ik denk dat het beter is om ze vet te mesten voor de grote werken beginnen. Ze zullen kwijnen en niet genieten.

Als je niet genoeg tarwe hebt, zou je meel kunnen kopen of als je liever wilt, tarwe. Maar dit zal je bijna evenveel kosten als meel en veel meer moeite vragen. Ik zeg dit niet om je tegen te spreken. Kijk wat je nog hebt van rogge. Alle beetjes helpen. Kijk je uit voor de ratten bij de zakken? Nu je minder katten hebt, zullen ze rondlopen.

Voor de koe (Chaille), als je denkt het werk zonder haar te doen, kan je haar een beetje verzorgen en verkopen. Ik denk namelijk dat ze goed verkopen maar misschien nog beter over een paar maanden.

Kan je goed lezen wanneer ik met een potlood schrijf? Het is niet gemakkelijk om hier met inkt te schrijven. We kunnen namelijk op elk moment aangevallen worden en dan moeten we meteen kunnen reageren.

Ik zal je een kleine gunst vragen. Ik zou nu heel graag een worst en een beetje chocolade opgestuurd krijgen want ik weet niet wanneer we naar het dorp zullen gaan. Hier is er genoeg eten maar omdat we alles 2 km naar achteren moeten klaarmaken, zijn de soep, het vlees of de koffie koud wanneer het in de loopgraven komt.

Dit maakt dat ik daar wat minder trek in heb. Ik vraag je om worsten te sturen maar ik vergeet te vragen of je er wel genoeg hebt. Ik zou je ze niet willen onthouden.

Lieve kleine vrouw, ik denk zo vaak aan jou. Wanneer zal ik je kunnen kussen, en onze kleine Georges. Wat is de oorlog toch triestig. Dat God deze ramp stopt.

Groet alle vrienden voor me en kus je vader en moeder voor me.

 

Ik druk je tegen mijn hart in gedachten en dek je met kussens.

Je toegewijde vriend.

 

Reymond

 

(klein stuk papier toegevoegd)

Liefste Emma

Ik denk dat je me in één van je brieven vroeg of ik een jonge man kende in de buurt van de Bonnets. Je zei dat hij onze verre neef was. Was dit langs de kant je vader of je moeder? Ik kan me zijn naam niet herinneren en ik kan het niet opzoeken in de brief die jij mij had gestuurd. Denk je dat hij in de Compagnie zit of in het 64e Bataljon? Als je eraan denkt, zeg het mij.

Ik heb net tante Orges geschreven en een foto opgestuurd.

Ik schrijf nu al een poosje en begin koud te hebben aan mijn vingers en voeten. Ik ga lopen of springen om warmer te krijgen. Het blijft hard sneeuwen. De dennenbomen zijn helemaal bedekt. De nacht zal niet aangenaam zijn in deze sneeuw.

 

Brief 47 27/3/ Ansichtkaart/ foto, 3 militairen in de sneeuw

 Chasseurs Alpins sous les arbres hiver

Beste Emma,

Ik stuur je deze foto waar in het midden mijn kapitein staat en rechts een luitenant van mijn Compagnie staat. Hij is diegene die mij deze foto heeft geschonken. Links zie je de luitenant (betaler) van Bon. Hij is de persoon die het geld int om alle mannen en de rang te betalen.

Heb je de foto ontvangen die ik je had gestuurd? Ik denk het wel.

Vaarwel mijn schat, duizend liefhebbende knuffels van jouw

Reymond

 

Brief 47 27/3: Ansichtkaart: foto, 3 militairen

 Chasseurs Alpins molle et 2 compagnons

Mijn schat…

Deze kaarten zullen pas morgen weggaan want men is al langsgekomen om de brieven op te halen. Ik zal denkend aan jou de dag eindigen. Ik hoop dat je snel geneest. Ik ben in goede gezondheid. Ik ben alleen een beetje verkouden.

Ontvang vele dikke knuffels van diegene die – veel – van je houdt.

Reymond

 

Zie brief van 18/3 pagina 87

In het midden: ?

Links: Benoit?, sergeant

Rechts: Reynal?, sergeant

Advertenties