Voorwoord – Julie Caroline Tutein Nolthenius

Voorwoord

De verzameling brieven in dit document zijn geschreven tijdens de Eerste Wereldoorlog door Reymond Molle aan zijn vrouw Emma van augustus 1914 tot en met 17 april 1915.

Emma en Reymond

Emma Maisonneuve is geboren in 1889 op de Bergerons. Zij is de enige dochter van Reymond Maisonneuve en Emilie Marie Anne Maisonneuve-Gay. Ze overlijdt op 93 jarige leeftijd.

Reymond Molle is geboren in 1882 in Boffres. Hij is de zoon van Pierre Reymond Molle en Victoire Molle-Riousse en heeft een broer en drie zussen.

Reymond heeft als soldaat gediend in 1902 en heeft langzaam de sociale ladder beklommen tot sergeant. Hij heeft in het 24e bataljon des Chasseurs Alpins gezeten. Reymond en Emma trouwen in maart 1911. Reymond komt na het huwelijk op de Bergerons wonen. In april 1912 wordt hun zoon Georges geboren. Georges overlijdt in 1933 op 22 jarige leeftijd tijdens zijn diensttijd aan de gevolgen van een blindedarmontsteking.

Reymond overlijdt in 1915.

De Eerste Wereldoorlog en de brieven

In augustus 1914 is Reymond gedetacheerd als adjudant in de kazerne van Villefranche-sur-Mer. Hij probeert daar zo lang mogelijk te blijven in de wetenschap dat hij daar veilig is. De één na de ander van zijn vrienden vertrekt naar het front. In december komt het onvermijdelijke en wordt hij op zijn beurt naar het front gestuurd. Op 18 april overlijdt hij op het Champ d’Honneur. Zijn laatste brief dateert van 17 april 1915.

Door het lezen van zijn brieven en krantenknipsels welke hij aan zijn vrouw stuurt, realiseert men zich dat Reymond zich erg bewust is van hetgeen hem wacht aan het front. Hij is aangesteld in het 64ste bataljon van de “Chasseurs Alpin”, wat het reservekorps is van het 24ste bataljon.

Het notitieboekje en de agenda van Reymond, die de periode van januari tot april beschrijven, zijn teruggevonden tussen zijn brieven. Wat hij in de laatste 5 dagen van zijn leven in dit boekje schreef is opgenomen in dit document.

Reymond schrijft veel en vertelt over de dagelijkse gebeurtenissen aan het front. Hij weet goed te observeren en te beschrijven wat hij ziet. Hij schrijft zelden over de gruwelen van de oorlog en bespaart zijn vrouw zoveel als hij kan. Hij is in gedachten vaak op de Bergerons, blijft bezorgd over het werk op de boerderij wat gedaan moet worden en geeft adviezen over beslissingen die genomen moeten worden. In alle brieven voel je de grote liefde die Emma en Reymond voor elkaar hebben. Hun diepe geloof in God en de kracht die zij daaruit halen, is als een leidraad door hun correspondentie. Ze zijn allebei darbisten (Vergadering der Gelovigen), een geloof dat zij delen met hun vrienden in de regio. Een opvallend detail is dat nergens, in geen één van zijn brieven, Reymond zich negatief uitlaat over de Duitsers.

 

Reymond heeft vanaf september 1914 112 brieven geschreven. Dit staat aangegeven in zijn notitieboekje waarin hij elke brief die hij verzond noteerde. Hij begint met nummeren in september. 98 brieven en ansichtkaarten zijn gevonden en opgenomen in dit document. Emma heeft er zeker evenveel geschreven, maar van haar zijn er slechts 8 teruggevonden. Ook deze zijn chronologisch in hun correspondentie ingevoegd. Reymond vroeg regelmatig aan Emma om zijn brieven te bewaren en dat heeft ze ook gedaan.

Tijdens een korte periode heeft Reymond ook krantenknipsels gestuurd. Deze zijn allemaal bewaard en tussen zijn brieven gestopt. Het zijn meestal ‘’ Officiële aankondigingen’’. De achterkant van de knipsels zijn soms veel interessanter: een lijst van overledenen, een bericht over duizenden vluchtelingen, een dankwoord voor de verzonden kleding aan de vluchtelingen etc. ..ook informatie uit het buitenland. Dit geeft een beeld van de omvang en de gevolgen van de oorlog over de hele wereld. Je kunt daaruit afleiden dat zij hun tijd beschouwden als ‘’het einde van de wereld’’ zoals in de Bijbel is beschreven.

 

Mijn relatie met Emma en hoe ik in aanraking ben gekomen met de brieven.

 

Ik heb Emma in 1970 ontmoet toen mijn ouders een huis kochten in het gehucht “les Bergerons”’.

De bewoners van de Bergerons waren boeren. Een van deze mensen was Mme Molle.

We hadden 5 buren en een daarvan was Mme Molle. In de omgeving stond ze bekend als “de weduwe Molle”’ en ze was zeer gerespecteerd.

Ik was 12 jaar oud en zij 81 jaar. Mevrouw Molle werd voor ons ‘’mémé’’ en voor mij was ze als mijn grootmoeder. Ze is me heel dierbaar. Het was een opmerkelijke vrouw, klein van postuur en met een fragiele gezondheid, maar zeer sterk van geest.

 

Wij gingen iedere zomer naar de Bergerons en ik raakte erg gehecht aan deze plek, aan de bewoners van de Bergerons en aan de mensen rondom ons. Ik heb er vrienden gemaakt, heb er geiten leren melken, leren hooien, aardappels rooien, etc.

 

Tijdens mijn studie, en later toen ik werkte, ging er geen jaar voorbij of ik was één of meerdere keren op de Bergerons. In de loop der jaren zijn de buren een voor een overleden.

De huizen kwamen leeg te staan en mijn zus en zwager hebben de huizen gekocht.

In het huis van Emma Molle is een grote hoeveelheid aan brieven gevonden, waaronder deze correspondentie tussen Reymond en Emma.

Het was voor mij niet vanzelfsprekend om deze brieven te lezen. De brieven van een man aan zijn vrouw zijn intiem en het leek voor mij in het begin een vorm van voyeurisme de brieven van Reymond aan “mémé” te lezen. Te privé. De zorg waarmee deze brieven zijn bewaard, was voor mij een reden om deze gêne opzij te leggen.

 

Om de brieven beter te kunnen lezen, heb ik mij ertoe gezet om alles uit te typen. De brieven zijn vaak geschreven met een potlood, soms in kleine letters en lastig om te ontcijferen. Alles gelezen hebbende, besefte ik beetje bij beetje dat het hier ging om een historisch document en dat het een goed idee zou zijn om dit leesbaar te maken voor anderen. Het uittypen was veel werk. Zonder de aanmoediging en de steun van vrienden en onbekenden waarmee ik in contact was via internet, had ik dit werk nooit kunnen afronden.

Dat zou trouwens onmogelijk zijn geweest zonder de hulp van een Française, Marie-Christine de Bruin-Arnera. Zij is erin geslaagd veel woorden te ontcijferen, gedeeltes van brieven die onleesbaar waren geworden aan te vullen, en de fouten te corrigeren. Haar enthousiasme heeft me geweldig geholpen.

Wij hebben ervoor gekozen de grammaticale fouten te corrigeren om het lezen makkelijker te maken. Aan het einde van sommige brieven, lees je ”sorry voor de fouten, ik herlees het niet”. Dat kan vreemd lijken, gezien het feit dat de fouten eruit zijn gehaald. De zinsopbouw is niet gewijzigd. Hierbij dus een verrassend en ontroerend document. Voor mensen van het platteland zullen veel dingen ongetwijfeld herkenbaar zijn.

 

Uit respect voor Reymond en Emma Molle, opdat hun verhaal niet zal worden vergeten.

Julie Caroline Tutein Nolthenius 
 Indien u contact met mij wilt opnemen,
E-mail: c.j.tutein@tele2.nl

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s